Orion

De boltjalk Orion werd op 4 mei 1905 te water gelaten in Veendam op de scheepswerf Drent en voer tot 1935 met de Latijnse naam Ubi beni ibi patria, wat betekent: waar het me goed gaat, daar is mijn vaderland. Later kreeg de Orion de namen RAN, Rival, Patria in de periode 1935 tot 1983 en daarna de huidige naam Orion.

Kenmerkend van de boltjalk is dat hij behoort tot de bolschepen. Een belangrijk onderscheid tussen tjalken en bolschepen is te zien in de breedte van de berghouten (stuiten in Friesland/ Groningen) van zowel voor- als achterschip.Deze gebogen berghouten zijn bij een tjalk ongeveer 20 cm breed en ze zijn geklonken uit 2 hoekijzers met een bolgevormde afdekplaat met halfrond. Bij bolschepen bestaat het berghout slechts uit een halfrond van ongeveer 6 cm breed.

Bolschepen met een breed boeisel zoals op de Orion lijken wel op een tjalk en worden daarom ook wel boltjalk genoemd. Bolschepen zonder boeisel of met slechts een klein boeisel worden altijd bolschip of Bolle genoemd. Bolschepen werden met één mast gebouwd en ze kregen zijzwaarden. De Groninger bolschepen werd gebouwd voor de vrachtvaart in de ondiepe kanalen van de veenkoloniën. Hiervoor was het van belang dat de schepen ook in geladen toestand weinig diepgang hadden. De Orion vervoerde tot in de jaren zestig vooral bieten, turf en aardappelen.

Oorspronkelijk kwamen bolschepen zeilend of jagend vooruit. Na de Tweede Wereldoorlog werd er een motor ingebouwd en in 1983 werd deze vervangen door een Volvo Penta MD 47, die afkomstig was van een landbouwmachine.

In 1983 werd het schip aangepast voor de chartervaart, de roef in oorspronkelijke staat teruggebracht en werden er patrijspoorten aangebracht.
In 1998 werd de Orion tot woonschip verbouwd en de laatste jaren werd het zoveel mogelijk in originele staat teruggebracht